Hij had een heel aparte kijk op het leven van iedere dag, wist de gewoonste dingen in een

schitterend kleedje te steken, wisselde humor met weemoed af, en bleef vooral de gewone mens voor ogen zien. Of zoals Roger Arteel het formuleerde: «Hij bekeek de wereld en de mensen met de ietwat zorgelijke blik van een vader met veel zin voor de betrekkelijkheid van alles. Een beeldenstormer was hij niet; zijn humor puurde hij uit de dagelijkse ervaringen met de doorsnee-burger, die zich, zonder grote woorden, telkens weer schrap zet tegen de grootmachten der aarde, tegen vervlakking, vervreemding en vormelijkheid, door een teveel aan verstand teweeggebracht. Hij was vóór alles een kunstenaar met een hart.»

 

Zijn kolderpoëzie is ook nu nog actueel. Gewoon omdat hij van taalspelletjes hield. Omdat hij zijn taal zo soepel gebruikte dat er steeds weer nieuwe woordspelingen groeiden.

 

In Ieper organiseerde hij samen met Noël Desloovere in de Kunstgalerij Melchior

Broederlam van het Hotel Britannique, op de vooravond van de Kattenstoet, een «Kattenkolder», met artiesten uit Vlaanderen en Nederland. Jos Gysen, Louis Verbeek en

Gaston Durnez, Nolle en Oswald Versyp en nog vele anderen zorgden voor onvergetelijke cabaretavonden.

 

Sterven op je éénenvijftigste, met zoveel talent en zoveel plannen, met zoveel gepresteerd in zo'n korte tijd, het overkwam Gerard Vermeersch. Maar na 39 jaar leeft hij nog voort …

Sluit na het beluisteren het luistervenster om terug te keren naar deze pagina

© CONFRERIE GERARD VERMEERSCH • P/A D'HONDTSTRAAT 33 • 8900 IEPER • TEL 057 / 20 30 57 • INFO@GERARD-VERMEERSCH.BE • t @GERARDTEDJU